Niet iedereen wil of moet de hele woning op infrarood zetten. Als bijverwarming is infrarood juist op zijn sterkst: je verwarmt gericht de plek waar je bent (het bureau, de badkamer, de leeshoek) zonder de rest van het huis op te stoken. Dat bespaart fors, vooral als je bestaande verwarming traag of duur is. Wil je infrarood net als enige verwarming gebruiken, lees dan infrarood als hoofdverwarming.
Wanneer kiezen voor bijverwarming?
Infrarood als bijverwarming is de logische keuze wanneer je bestaande verwarming niet overal volstaat, wanneer je specifieke ruimtes extra wil verwarmen (badkamer, thuiskantoor), of wanneer je overdag niet de hele woning wil stoken terwijl je maar in één ruimte zit. Je centrale verwarming kan dan op een lager basisregime, terwijl het paneel gericht comfort bijlevert.
Voordelen tegenover een convector
Veel mensen grijpen naar een mobiele elektrische convector als bijverwarming. Een infraroodpaneel is op vrijwel elk vlak de betere keuze: lager verbruik bij hetzelfde comfort, geen luchtcirculatie en dus geen opdwarrelend stof, permanent gemonteerd in plaats van een toestel op de vloer, stil, en een levensduur van 25 jaar en meer tegenover ongeveer 10 jaar voor een convector. Zie ook onze vergelijking met convectoren.
Populairste toepassingen
- Thuiskantoor: 400-600 W boven je bureau bespaart enorm tegenover het verwarmen van het hele huis tijdens de werkuren
- Badkamer: een spiegelpaneel voor directe warmte voor en na het douchen
- Garage of werkplaats: gerichte spot-verwarming op de werkplek
- Serre of veranda: comfort in de schoudermaanden zonder de cv hoger te zetten
- Slaapkamer: snelle opwarming 's ochtends
Hoeveel vermogen voor bijverwarming?
Bij bijverwarming reken je niet op het volledige ruimtevolume, maar op de zone die je effectief wil verwarmen. Een bruikbare vuistregel is ongeveer 120 watt per m² van het te verwarmen oppervlak. Een werkplek van 3 m² vraagt dus zo'n 360 tot 400 watt. Voor een exacte berekening per ruimte gebruik je de vermogencalculator.